Geld verdienen met AI-kunst: deze kunstenaars doen het

Louise de Graaf



Een vrouw, gehuld in een feloranje regenpak, staat in een druilerige historische binnenstad. Het zou Amsterdam kunnen zijn. Maar de vrouw die je ziet bestaat niet. En ook de huizen op de foto zijn niet echt. Alles wat je ziet is gemaakt door kunstmatige intelligentie, met meerdere opdrachten die een kunstenaar aan de computer heeft gegeven. 

En voor dit soort kunstwerken is een markt, zegt Marina Raymakers, van Kunst Centrum Haarlem. Ze verkocht het afgelopen jaar meerdere werken waar kunstmatige intelligentie bij is gebruikt. Geen gigantische aantallen. “Het is op twee handen te tellen”, maar de interesse is er. 

AI maakt beeld van woorden

Dimitry van den Berg is een van de kunstenaars die zijn werk exposeerde bij Kunst Centrum Haarlem. Hij gebruikt meerdere AI-programma’s voor het maken van zijn werk, zoals de AI-plaatjesmakers Leonardo AI, MidJourney en Stable Diffusion. 

Dat soort AI-programma’s zetten woorden om naar beeld. “Dat begint met een idee. Iets wat ik gezien heb of wat ik interessant vind als ik op straat loop. Dat probeer ik dan te reproduceren.”

Met dat idee gaat Van den Berg aan slag. Hij beschrijft zo nauwkeurig mogelijk wat hij wil zien, en geeft dat als opdracht – een prompt – aan de software.

“Zo’n opdracht bestaat onder meer uit het object dat wil je laten zien. Daarna komen allerlei andere zaken, zoals het camerastandpunt, de omgeving, de belichting. Maar ook hoe objecten zich tot elkaar verhouden. Man links, vrouw rechts.”

En dan aanpassen, net zo lang tot de afbeelding naar zijn smaak is. “En dan is er nog de nabewerking met andere software zoals Photoshop.”

Niet veel geld te verdienen

Zijn werk heeft in drie galeries gehangen en ze worden verkocht. Voor zo’n 1200 tot 1500 euro. Maar het is nog geen vetpot. 

“Met kunst is niet veel geld te verdienen”, zegt Van den Berg. Hij vult zijn inkomen aan met zijn salaris als gemeenteraadslid in Haarlem én met zijn andere werk als maker van 3d-computeranimaties. 

‘Poppenkast en theater’

Maar niet iedereen in de sector is enthousiast. Taxateur Auke van der Werff heeft er niet veel mee. “Je koopt poppenkast en theater”, zegt hij over AI-kunst. “Het is een beetje zoals gemanipuleer met foto’s. Het is meer handigejongenswerk dan het vaardigheid van kwast en verf is.”

Het mist wat hem betreft persoonlijke creativiteit. “Het is een deel dat wordt overgenomen door een niet levend persoon. Iets artificieels”, en dat maakt het ingewikkeld voor zijn werk als taxateur. 

“Ik kan niet zien hoeveel sturing de kunstenaar heeft gegeven aan het beeld dat is gegenereerd. Het lijkt dat het te weinig input heeft van de kunstenaar om het op waarde te kunnen schatten”, zegt hij erover. 

‘Het moet juist eigen zijn’

“Je moet juist mijn creativiteit erin terugzien”, zegt kunstenaar Nina van den Berg. Zij gebruikt ook het eerdergenoemde Stable Diffusion in haar werk, maar ook andere software. 

Ze ontwerpt onder andere hoezen voor muziekalbums. Maar ze maakt ook video-installaties met AI en geeft workshops over de toepassing van kunstmatige intelligentie. 

“Ik probeer het zo aan te passen dat het meer eigen wordt. En ik combineer het ook met analoog werk. Dat de input van mezelf is en ik het bijvoorbeeld aanpas met AI”, legt ze uit. “Het is meer dan alleen een prompt.”

Kunstopleiding

Bij de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (HKU) zien ze AI ook op steeds meer plekken terugkomen. “Van colleges over het onderwerp tot seminars van een aantal weken en er is een AI-lab, waar de studenten kunnen experimenteren”, zegt Tom van de Wetering, projectleider generatieve AI aan de HKU. 

Zo zijn er al meerdere studenten afgestudeerd met projecten waarin AI een rol speelt, zoals Nina van den Berg. En Van de Wetering verwacht dat meer studenten actief AI gaan gebruiken. Niet om het werk over te nemen, maar juist als toevoeging aan het gereedschap van de kunstenaar. Hij vergelijkt het met de komst van de camera. 

“Ook toen waren er zorgen over het verdwijnen van disciplines, zoals de schilderkunst. Maar fotografie is juist onderdeel geworden van die disciplines. En ik vermoed dat dat ook bij kunstmatige intelligentie gaat gebeuren. Dat het in elke discipline een rol gaat spelen.”

Toch staat niet iedereen te springen. “Zo zijn er ook studenten die zeggen: ik kom om iets te leren en wil het zelf kunnen maken”, zegt hij. 

Maar het hoeft elkaar niet uit sluiten, als studenten en kunstenaars maar in staat zijn om duidelijk te maken wat ze hebben gedaan, legt Van de Wetering uit. “De verhouding kan best 10 procent mens, 90 procent computer zijn. Mits je laat zien dat die 10 procent waarde toevoegt om iets moois te maken.”



Website

Lees ook deze artikelen

Leave a Comment